Top

That’s not my name!

Okay, eerlijk is eerlijk: als ik mezelf voorstel als Wyke slagen de New Yorkers er over het algemeen redelijk in om mijn naam uit te spreken. Er zit geen ui- of ij-klank in, geen rollende r en ook geen harde g. Al met al is het dus redelijk te doen. Sterker nog: toen ik op straat voorgesteld werd aan een kennis van mijn vriendin A .zei ze enthousiast: “Oh, ben je Nederlands? Want ik heb een vriendin uit Nederland die Wieke heet” (alsof ze daar met 1000en tegelijk rondlopen). Nee, het probleem van mijn naam zit ‘em in de spelling.

Bij de Verizon-winkel zeiden ze na het openen van mijn account: “You’re….. Waik?” De vrouw van de wasserette zegt elke week vrolijk: “hey Wikka, how are you?” (mij hoor je er niet over, want ik ben al lang onder de indruk dat ze me kent). En bij yoga zeiden de leraren de eerst keer steevast: “how do I pronounce this? Wai-kie?” De klanken komen gewoon niet overeen met de manier waarop je het schrijft.

Dat blijkt ook keer op keer als ik mijn naam moet opgeven bij bijvoorbeeld de Starbucks. De eerste weken bleef ik hardnekkig met een stalen gezicht Wyke zeggen op de vraag “What’s your name?” en op de bekers kreeg ik dan terug: Mika (dat is een redelijk bekende naam hier), Veeka (“jullie W klinkt gewoon als een V,” zei mijn gastmoeder B. al eens) of (en die is helemaal mooi) Phika (ik weet dat ik de v soms als een f uitspreek, maar van de w maak ik echt geen harde klank, dat weet ik 100% zeker).

“Een bekend probleem van de Nederlanders hier,” zei de Nederlandse journaliste I. al tegen me. “Je moet een Amerikaanse alias verzinnen, anders is het onbegonnen werk.” En zo begon mijn zoektocht naar een nieuwe naam. Het begon met Tom. Dat ligt natuurlijk niet voor de hand, maar ik kon even zo snel geen andere naam verzinnen toen ik me moest opgeven voor de wachtlijst van een Italiaans restaurant in Soho en dus gebruikte ik die van een vriend. “Tom? Really?! Your name is Tom?” vroeg de gastvrouw. Ze keek me ongelovig aan, maar ik bleef stellig knikken en toen we een half uur later terug kwamen, herkende ze me meteen en wenkte ze me naar een tafeltje, dat op ons stond te wachten.

T. was wel geamuseerd door het geheel, maar vond toch dat ik mijn eigen naam moest houden. “Waarom niet gewoon ‘Wyk’? Dat klinkt stoer.” Maar mijn andere vrienden verstonden ‘Fig’ wat vijg betekent en een rare naam is. En bij de kledingwinkel Anthropology schreven ze ‘Faith’ op de deur van mijn pashokje. En dat is dan weer een naam, die hoofdzakelijk door gelovige Christenen wordt gebruikt. Wyk viel dus af.

Ik stapte over op de meest voor de hand liggende naam: Vicky (toen ik Schotland woonde, werd ik al eens onder die naam voorgesteld, omdat mijn eigen naam te lastig was). “Mmm, ik weet het niet,”zei T. “Vicky is een beetje een trashy naam.” en ook mijn vriend GJ lachte me ronduit uit toen ik een keer de naam Vicky opgaf bij een sandwichtent (“Dat is een naam voor een hondje!”). Zelf vond ik ook dat de naam eigenlijk niet bij me paste en dus viel ook Vicky af.

Een korte periode besloot ik voor Li te gaan, een afkorting van mijn doopnaam Lidewij. Maar de Amerikanen horen dan Lee en dat is, volgens T. althans, weer zo’n gewone naam. En afgezien daarvan: it’s not my name! Mijn naam is gewoon Wyke! En dus besloot ik alles bij het oude te laten en de merkwaardige spellingen gewoon te accepteren en te verzamelen.

Wyke Potjer
Geen reacties

Plaats een reactie