Top

Smetvrees

Ik heb zo mijn dwangneurosen, maar ik ben de eerste die toegeeft dat smetvrees er niet één van is. Mijn afwas staat rustig een week op het aanrecht aan te koeken en als ik geen hulp had, dan waren mijn ramen zo donker grijs dat elke dag bewolkt en somber leek. Maar in New York lijkt daar toch verandering in te komen, want als je hier de boel de boel laat dan wordt de witte vensterbank langzaam zwart en krijg je het vuil niet meer uit het eelt van je voetzolen geschrobd. Om nog maar te zwijgen over de kakkerlakken en muizen die door de hitte uit hun schuilplaatsen worden verdreven en fanatiek op zoek gaan naar elke kruimel die je op de vloer laat liggen. En dus ben ik elke week druk in de weer met bacterie-dodende doekjes. Gaan alle etensresten linea recta de straatcontainer in. En sop ik direct na gebruik braaf mijn theekopjes uit.

De Nederlandse T. had me al gewaarschuwd voor deze ontwikkeling. Tijdens onze eerste ontmoeting vertelde ze me hoe ze in New York fanatiek haar handen was gaan wassen. En dan bedoel ik niet vóór het eten en ná het plassen, maar echt tientallen keren per dag. “Als ik vanuit de metro mijn kantoor binnen loop, is dat het eerste wat ik doe: mijn handen wassen.” In eerste instantie leek me dit een wat overdreven aanpassing aan de New Yorkse obsessie met hygiëne en gezondheid.

In elk restaurant hangt hier een bordje bij de wc waarop staat dat het personeel de handen móet wassen. De vuilniswagens rijden 4 keer per week door de straat om de rommel op te halen. De auto’s moeten 2 keer per week één kant van de straat autovrij maken en dus hun parkeerplek prijsgeven, om plaats te maken voor de bezemwagen. Eten mag door de verkopers nooit en te nimmer aangeraakt worden met de blote hand (zelfs de groenteman heeft plastic handschoenen aan). En bij elke supermarkt verkopen ze een (chemische?) spray waarmee je je (biologische) fruit en groenten bacterie-vrij krijgt. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de boete die je hier krijgt als je je hondenpoep niet opruimt: 600 dollar. (Dat laatste is trouwens geheel terecht in mijn mening!) Kortom: ze kunnen er hier wat van.

Maar ik moet eerlijk toegeven dat de New Yorkse smetvrees besmettelijk blijkt te zijn. Ook voor mij. Er gaat geen metrorit meer voorbij zonder dat ik in slow motion de bacteriën uit iemands mond zie sproeien als hij proest, hoest of gewoon een potje staat te rappen. Ik zie mannen rochelen en spugen. Ik zie hoe zweetplekken achter blijven op de plastic stoeltjes. Hoe klamme handen de stang vastgrijpen, nadat ze net iets tussen hun tanden vandaan hebben gepeuterd. Hoe een vrouw het eczeem van haar handen knipt met een nagelschaartje. Hoe koelvloeistof uit de airconditioning lekt. En hoe een zwerver schrapend aan zijn hoofdhuid krabt voordat hij bedelend de wagen rond gaat, zich links en rechts vastgrijpend om niet om te vallen.

Goed, okay, toegegeven: dat zijn de excessen. Ik ben niet vies van een beetje drama, overdrijven moet kunnen, maar eerlijk is eerlijk: ik was laatst jaloers op een man in de metro die een flesje met ontsmettende gel uit zijn broekzak viste en zijn handen daarmee schoonmaakte! En dat terwijl ik mijn tactieken om zo weinig mogelijk aan te raken inmiddels aardig geperfectioneerd heb.

De grootste hobbel is nog het bewaren van je evenwicht in een rijdende trein zonder iets aan te raken. Maar de roltrap op zonder de leuning te gebruiken of de draaihekjes bij de uitgang openen zonder je handen te gebruiken; no problem. En bij de winkel maak ik slim gebruik van de galante heer die de deur voor me openhoud om vervolgens eerst naar de wc te lopen om mijn handen te wassen….

Over een week ben ik weer terug in Nederland en ik beloof dat ik dan weer normaal zal doen.

Wyke Potjer
Geen reacties

Plaats een reactie